Nieuws

Heide herbergt laatste Gooise veldleeuweriken

21-02-2017

Door: Bart Siebelink
Foto: Bertus van den Brink

Het gaat al jarenlang bar slecht met de veldleeuwerik. Viel hij vroeger niet weg te denken uit het boerenland, anno 2017 is hij overal zo goed als uitgestorven. Nou ja, overal? Op één plek valt zijn gezang nog volop te horen: de heidevelden van het Goois Natuurreservaat. Dat blijkt uit het rapport 'Broedvogels van de Wester- en Busummerheide 2016' van Vogelwerkgroep Het Gooi en omstreken.

Ken je het werkwoord kwinkeleren? Mocht je het hopeloos oubollig taalgebruik vinden, spreek het dan eens driemaal achter elkaar uit en laat de klanken van door je mond rollen als goede wijn. Droom dan ook meteen even weg naar zo'n nostalgisch groen weiland van vroeger en je hoort het gezang van de veldleeuwerik. Op zonnige dagen was hij er altijd en hij deed het onophoudelijk: kwinkeleren!

Soundtrack
Ik kon het nooit laten om dan omhoog te kijken en de lucht af te speuren naar het zwarte stipje waar zoveel geluid uitkwam. En ja hoor. Soms kostte het wat moeite, maar altijd vond je hoog in de lucht dat kleine nerveus fladderende vogeltje dat zo ongeveer de soundtrack van mijn kinderjaren bij elkaar floot.

Achteruitgang
Dan praten we over de jaren zeventig en tachtig. Daarna begonnen de veldleeuweriken steeds vaker te zwijgen. Weilanden werden alsmaar intensiever benut. Paarden-, pinkster- en boterbloemen werden schaars, het aantal verschillende grassoorten kelderde en daarmee hielden ook de meeste insecten het voor gezien. Voor weidevogels, waaronder de veldleeuwerik werd het er dus niet beter op. De komst van de mestinjector in de jaren negentig heeft de soort het broeden nagenoeg onmogelijk gemaakt. Aan de messen die op een handlengte afstand van elkaar eindeloos lange parallelle sleuven in de bodem snijden, ontsnapt geen enkel vogelnestje. Vogelbescherming Nederland spreekt van 95% achteruitgang sinds 1960 en noemt de veldleeuwerik "Een van de grootste slachtoffers van de intensieve landbouw"

Heidevelden
Op de heidevelden is die achteruitgang minder snel gegaan en dat is in het Gooi goed te zien. Hierover zegt het rapport Broedvogels van de Wester- en Busummerheide 2016 van Vogelwerkgroep Het Gooi en omstreken het volgende: "In het Gooi was er ondanks een flinke achteruitgang op de grotere heidevelden met de kernen Wester- en Bussummerheide rond 1987 nog sprake van ca. 40 broedparen (Vogels tussen Vecht en Eem, 1987). In 1980 worden voor het gebied 10-11 territoria aangegeven, in 1994 niet minder dan 121! De hei lijkt in dat jaar tot een refugium (laatste bolwerk, red.) te zijn geworden voor de dramatische achteruitgang in het agrarisch gebied."

Territoriumgedrag
In 2016 noteerde de vogelwerkgroep op de Wester- en Bussummerheide 25 territoria van de veldleeuwerik. Voor de duidelijkheid: territoriumgedrag is het hierboven beschreven in de lucht hangen en kwinkeleren. Vogelbescherming zegt hierover: "De mannetjes maken spectaculaire zangvluchten. Eerst klimmen ze tot een hoogte van soms meer dan honderd meter, waarna ze luid zingend omlaag vliegen om in de buurt bij het vrouwtje te landen."

Eemland
In het aangrenzende Eemland zijn de veldleeuweriken aanzienlijk dunner gezaaid, zo bevestigt ook Jan Roodhart die de gebieden van Natuurmonumenten in de Eempolder beheert. "We zijn nu al vijftien jaar bezig in de Eempolder. Ons beheer houdt in: minder bemesting, later maaien en het bevorderen van bloemrijk grasland. maar toch zien we dat de veldleeuwerik daar helaas niet van profiteert. Datzelfde geldt ook voor de graspieper die vergelijkbare eisen stelt aan zijn leefomgeving. Het is een kwestie van lange adem. Je moet immers niet denken dat je met vijftien jaar beheer de schade van een eeuw bemesting teniet kan doen."

Ook zijn er volgens Roodhart, naast de modernisering van de landbouw, andere factoren die de veldleeuwerik parten spelen. "Ook tijdens de trek en in het overwinteringsgebied stuit de leeuwerik op problemen. Denk aan de vogeljacht rondom de Middellandse Zee."

Zingend fluiten
Nog even over dat gekwinkeleer: het sierlijke woord 'leeuwerik' is volgens de etymologie afgeleid van zijn zang. Daar is trouwens nog iets interessants over te vertellen. De vogel hangt namelijk stil in de lucht te fladderen terwijl hij daar zonder pauze bij fluit. Probeer dat eens een halve minuut vol te houden. Ga dertig seconden springen, zwaai wild met je armen en fluit er eens bij zonder adempauze. Niet te doen toch? Hoe krijgt dat vogeltje het dan voor elkaar? Het geheim schuilt in de luchtzakken die zangvogels in hun lijfjes hebben zitten. Wij mensen slaan de ingeademde lucht tijdelijk op in onze longen. Maar zangvogels hebben nog enkele opblaasbare luchtzakken. Deze kunnen ze vullen of leegpersen door met hun vleugels te bewegen. Daardoor kun je een toon veel langer aanhouden. Vergelijk het maar met een doedelzak of accordeon, deze muziekinstrumenten werken volgens hetzelfde principe.

Goois Natuurreservaat bedankt de vrijwilligers van de Vogelwerkgroep Het Gooi en Omstreken. De 18 deelnemers aan de inventarisatie Broedvogels van de Wester- en Busummerheide 2016 waren: Huub Casander, Han Dijkers, Anco Driessen, Izaak Hilhorst, Dick Jonkers, Wobbe Kijlstra, Ellen de Moel, Jan Mooij, Paul van der Poel, Dirk Prop, Piet Spoorenberg, Jossi Struijs, Carel de Vink, Hugo Weenen, Frits Wolfswinkel, Bonne Zijlstra en de coördinatoren Juun de Boer en Rien Renssen.