Foto: Tjitske Sluis.
Bescherm jij de jonkies? Goed dat je meedeed aan onze quiz!
Want het is weer die tijd van het jaar: overal in de natuur worden jonge dieren geboren. Van piepkleine kuikens tot verstopt liggende reekalfjes, de natuur zit vol nieuw leven. Supermooi… maar ook superkwetsbaar.
Veel dieren hebben in deze periode vooral één ding nodig: rust en ruimte. En juist daar gaat het soms (onbedoeld!) mis. Een hond die even los rent, een wandeling naast het pad, of even dichterbij kijken… voor ons lijkt het onschuldig, maar voor wilde dieren kan het behoorlijk stressvol zijn.
Met een paar simpele dingen kun jij al een groot verschil maken: op de paden blijven, afstand houden en je hond onder controle houden. Zo help je jonge dieren veilig op te groeien en krijgt de natuur de kans om op te bloeien.
Hieronder staan de uitgebreide antwoorden. Bescherm jij de jonkies… of kun je nog wat leren?
Vraag 1. Wanneer is het broedseizoen ongeveer?
A. Zodra het lekker weer is
B. Van half maart tot half juli
C. Het hele jaar door
Goed antwoord: B
Veel dieren krijgen hun jongen tussen half maart en half juli. Door op de paden blijven, afstand te houden en je hond onder controle houden help je jonge dieren om veilig op te groeien en krijgt de natuur de kans om op te bloeien.
Vraag 2. Welke vogel legt meestal als eerste een ei?
A. Koolmees
B. Houtduif
C. Zwaluw
Goed antwoord: A
In de praktijk is de koolmees bijna altijd één van de allereerste (en vaak dé eerste) die begint met eieren leggen. Maar soms zijn ook andere vogels (zoals de houtduif) al in februari actief. Kortom: er is niet één vaste “eerste vogel”, want het hangt sterk af van de temperatuur in de winter/lente, de voedselbeschikbaarheid en de locatie in Nederland.

Vraag 3. Hoeveel jonkies krijgt een vos gemiddeld?
A. 1 tot 2
B. 4 tot 6
C. 10 tot 12
Juiste antwoord: B
Een vos krijgt gemiddeld 4 tot 6 jongen, maar in goede jaren (met veel prooi) zijn de nesten vaak groter, tot wel 10 welpen.
Vraag 4. Waarom moet je op het pad blijven?
A. Omdat je schoenen of je fiets anders vies worden
B. Anders raak je de weg kwijt
C. Omdat je onbedoeld jonge dieren en nesten kunt verstoren
Goed antwoord: C
Veel nesten zijn zo goed gecamoufleerd dat je ze écht niet ziet. Als je van het pad gaat, kun je dus onbedoeld jonge dieren en nesten verstoren.
Vraag 5. Je hond rent los in de natuur. Wat kan er gebeuren?
A. Niets, wilde dieren zijn snel genoeg
B. Hij kan jonge wilde dieren opjagen of verwonden
C. Hij wordt vies
Goed antwoord: B
Jouw hond kan per ongeluk nesten van vogels die op de grond broeden vertrappen of de ouders laten schrikken, waardoor eieren of kuikens verloren gaan. Ook jonge dieren zoals een haas of een reekalf kunnen flink in de stress schieten of opgejaagd worden. Zelfs als er niks “gebeurt”, zorgt zo’n rondrennende hond voor onrust in de natuur, en rust is juist wat jonge dieren hard nodig hebben om veilig op te groeien.
Vraag 6. Wat zijn ‘grondbroeders’?
A. Vogels met hoogtevrees
B. Vogels die hun nest op de grond maken
C. Vogels die ondergronds wonen
Goed antwoord: B
Een goed voorbeeld van een grondbroeder is de veldleeuwerik. Het is een zeldzame vogel die zijn nest o.a. op de grond van de heide in het Goois Natuurreservaat maakt!
Vraag 7. Welke eieren zijn van de veldleeuwerik?
A. [Foto eieren veldleeuwerik]
B. [Foto eieren merel]
C. [Foto eieren kip]
Goed antwoord: A
De eieren van de veldleeuwerik zijn heel klein (ongeveer 2 cm), lijken een beetje op kiezelsteentjes en liggen direct op de grond, in een ondiep kuiltje tussen het gras. Camouflage is hun superkracht (om niet ten prooi te vallen aan roofdieren), en dus voor mensen een extra goede reden om op het pad te blijven.
Vraag 8. Je ziet een jonge haas alleen in het gras liggen. Wat doe je?
A. De dierenambulance bellen
B. Aaien en op de foto zetten
C. Niets, afstand houden en gewoon met rust laten
Goed antwoord: C
Een jong haasje moet je in de natuur gewoon met rust laten. Een haas-moeder is geen ‘helikopter-ouder’, maar ze komt écht terug. Als je aan het haasje komt, geeft dat onnodig veel stress en kan het jong door jouw geur juist méér opvallen voor roofdieren.

Vraag 9. Waar groeien jonge dassen op?
A. In een nest hoog in een boom
B. Ergens onder een struik
C. In een ondergrondse burcht
Goed antwoord: C
Bij de das worden jongen meestal tussen februari en april geboren. Een das krijgt meestal 2 tot 3 jongen per worp. Ze groeien op in een ondergronds gangenstelsel (een burcht) en komen pas later naar buiten.
Vraag 10. Wat is de beste manier om van de natuur te genieten in het broedseizoen?
A. Overal rondlopen om alles te ontdekken
B. Rustig blijven, op paden blijven, je hond aan de lijn
C. Hard geluid maken zodat wilde dieren je horen aankomen
Goed antwoord: B
Door rustig op de paden te blijven (met je hond aan de lijn), voorkom je dat de broedende en zogende dieren verstoord worden én geniet je zelf meer.